Indy van de Walle en Dionne Vermeiren

IMG_9136Indy van de Walle (links) en Dionne Vermeiren.

Als goede vriendinnen wilden Indy van de Walle en Dionne Vermeiren graag samen geïnterviewd worden door Op Bresjes. Dit naar aanleiding van het afronden van hun middelbare opleidingen.

Indy volgde de theoretische leerweg van het VMBO gedurende vier jaar op het Zwin College in Oostburg. “Gezien mijn jonge leeftijd op dat moment was dit het juiste niveau voor mij”, zegt ze, “en het is mij ook in vier jaar gelukt om dit af te ronden. Mijn motivatie was niet altijd super, maar met mijn talen ging het goed, met andere onderdelen wel eens minder.”
In totaal deed zij examen in zeven vakken, waaronder naast de talen, economie en wiskunde. Tevens Tekenen 2 vanwege haar interesse in fotografie en grafische vormgeving. Volgend schooljaar (jaren) volgt zij de MBO-opleiding Marketing & Communicatie niveau 4 op het Scalda te Middelburg. Deze duurt drie jaar. Doorstroming naar een HBO-opleiding is daarna de wens.
Vakantiewerk doet Indy bij strandpaviljoen Groede aan Zee (bediening) en ’s avonds bij de Jumbo als vakkenvuller. Bij beide werkgevers heeft ze het goed naar haar zin. Hobby’s van Indy zijn shoppen en fitness (als er tijd is bij ChrisFit).

Dionne volgde ook de theoretische leerweg, in de richting economie. De talen gingen haar hierbij beter af dan het vak economie. Dionne werkt sinds vorig jaar via Matchpoint Banen bij Breskens aan Zee. Ze is eerst is begonnen met het spoelen van de glazen en werkt nu achter de bar en brengt de bestellingen weg. Ze vindt het werk heel leuk door het gevarieerde, bar runnen en ook vanwege het contact met de klanten.
Na de zomervakantie vervolgt Dionne haar opleiding op het Scalda in Middelburg. Ze gaat daar een MBO-4 opleiding volgen, richting directiesecretaresse/ managementassistent. Deze duurt in totaal drie jaar en valt in niveau 4.

Dionne en Indy kennen elkaar al van de kinderopvang en hopen nog lange tijd vriendinnen te blijven.

RC

Geplaatst in geslaagden | Reacties staat uit voor Indy van de Walle en Dionne Vermeiren

Marieke Dieleman

IMG_9132

Na met goed gevolg haar middelbare school te hebben doorlopen, viert Marieke Dieleman vakantie van half mei tot 27 augustus.

Op 19 mei was haar laatste examen. Op 28 augustus begint zij aan de opleiding verlos- en verpleegkunde aan de HZ in Vlissingen. Daarna vervolgt zij die in Antwerpen gedurende twee jaar en voor het vijfde en laatste jaar weer terug naar de HZ.
Marieke twijfelde er enige tijd over of zij verpleeg- of verloskunde zou studeren. Omdat de HZ in Vlissingen de enige school is die deze mogelijk (samen met Antwerpen) biedt, koos zij hiervoor.
Voor de twee jaren in Antwerpen moet zij tegen die tijd een ‘kot’ zoeken. Zij vindt het leuk dat Mandy Robijn, haar huidige klasgenote, ook mee gaat. Marieke hoopt de door haar gewenste opleiding succesvol af te kunnen ronden. Als dit onverhoopt niet lukt, kiest zij voor de opleiding verpleegkunde.
Maandag 28 augustus is haar eerste dag, Marieke heeft er echt zin in. Waar zij ook al zin in heeft, is een bezoek eind juli aan WeitjeRock.
Het vieren van haar vakantie is echter niet alleen reisjes maken of in de zon liggen. Al enkele jaren doet zij vakantiewerk op het Spuiplein bij ijssalon Droomijsje gedurende drie à vier dagen per week. Haar specialiteit is het maken van ijscoupes en omdat het drukker en drukker wordt in Breskens, moet zij er ieder jaar meer maken…

RC

Geplaatst in geslaagden | Reacties staat uit voor Marieke Dieleman

Brigitte van de Velde

IMG_8749

Brigitte is geslaagd voor haar opleiding VMBO theoretische leerweg en volgde deze op het Zwin College. Met haar cijferlijst is ze zeer tevreden. Na de zomervakantie volgt zij op het Scalda in Goes de opleiding gespecialiseerd pedagogisch medewerker. Een andere optie was MBO Verpleegkunde of later verder studeren voor fysiotherapie. De opleiding ziet zij wel zitten. Een meisje uit een andere klas gaat mee en ook andere vriendinnen ziet zij ‘s morgens weer terug op de boot.
Brigitte’s hobby is het volgen van dansles (hip hop) in mfc De Korre op donderdag. Ook met het bakken van taarten en cakejes is zij graag bezig. Tijdens het weekend en vakanties werkt zij bij de Jumbo op meerdere afdelingen, waar zij ook klasgenoten tegenkomt. Daar werkt zij vanaf haar veertiende jaar. Uitgaan doet zij graag in Breskens en af en toe eens in België.
Binnenkort wil Brigitte beginnen met het volgen van theorielessen voor haar rijbewijs, dat zij binnen twee jaar in haar bezit hoopt te hebben.

RC

Geplaatst in geslaagden | Reacties staat uit voor Brigitte van de Velde

Xing in Hooge Platen

aIMG_9086

Dinsdagavond 4 juli was popkoor Xing te gast in Hooge Platen. De bewoners genoten zichtbaar van het twintigtal nummers die de koorleden onder leiding van Marjolijn Polfliet voor en na de pauze ten gehore brachten. Een dansje van een koorlid met een bewoonster werd met een hartelijk applaus bekroond.

RC

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Xing in Hooge Platen

Veilig ouder worden

Bovenstaande kop was de titel van de lezing door notariskantoor Verhaegen & Peijnenburg uit IJzendijke. De aankondiging hiervan sprak menig Bressiaander aan, want de grote zaal in mfc De Korre was goed gevuld. Notaris Gideon Peijnenburg heette alle aanwezigen welkom en merkte op dat dit onderwerp voor deze (vergrijzende) streek zeker niet onbelangrijk was. 

aDSCN7543

De lezingen van zowel notaris Peijnenburg als kandidaat-notaris Martine de Bruijne behelsden onderwerpen als familierecht, veilig ouder worden, testamenten en schenkingen. De notaris begon zijn inleiding met het benadrukken van gevaren rondom schenken en erven als wilsonbekwaamheid, hebzucht van c.q. misbruik door anderen, de belastingdienst en het moeten betalen van een eigen bijdrage voor de verzorging. Hieraan kon hij toevoegen dat bij zeven procent van erfeniskwesties sprake is van misbruik door familie, buren of vrienden. Hij gaf aan dat op www.vooreenveiligthuis.nl een checklist te vinden is met betrekking tot allerlei overdracht- en erfeniszaken. Ook bij het telefoonnummer 0800-2000 kan men hierover inlichtingen inwinnen. Tevens raadde de notaris aan dat het met ‘vier ogen’ kijken naar het beheer of afwikkeling van een nalatenschap altijd aan te raden is.
In geval van een te verwachten opname in een verpleeg- of verzorgingshuis moet twee jaar van tevoren naar de financiële situatie van de betreffende oudere te kijken en waar mogelijk te zorgen dat men niet de maximale eigen bijdrage van € 2.312,60 per maand moet betalen. Bovendien kijkt de fiscus twee jaar terug op de betreffende financiële situatie. Ook de eigen woning telt nog vier jaar mee. Een eenmalige schenking van € 40.000,= is toegestaan.
Door tijdige schenkingen kan het vermogen verlaagd worden; ook door de ontvangen rente van kinderen. “Stel daarom altijd een goed testament op”, gaf de notaris aan. Het op naam van de kinderen zetten van de woning raadde de notaris af, daar heeft de fiscus inmiddels een stokje voor gestoken. Alternatieven zijn het schenken op papier en/of de woning overdragen met voorbehoud van huurrecht. Als minimale huur geldt dan zes procent van de WOZ-waarde.
Over het al dan niet wilsbekwaam of wilsonbekwaam zijn, merkte de notaris op dat dit door een arts bepaald dient te worden. Als familieleden of buren financiële zaken dienen te regelen kunnen onder meer afspraken met de bank worden gemaakt wat die precies inhouden (welke limiet, e.d. geldt).

Hierna vervolgde Martine de Bruijne met een toelichting op de verschillende soorten testamenten. Dat zijn levenstestamenten (als iemand bij leven niet meer zijn of haar eigen financiële zaken kan regelen), of een gewoon testament (na overlijden). Een levenstestament dient er onder meer voor om zaken als geld, medische behandeling, euthanasie, huis, inboedel te regelen. Deze zaken kunnen ook in een wilsverklaring worden opgenomen. Dit kan door iedereen opgesteld worden, in het bijzonder ouderen, ondernemers en samenwonende partners. Zo kan een levenstestament worden opgesteld voor als men lange tijd in het buitenland verblijft, in coma raakt, dement wordt of voor een doktersverklaring.
Als er geen levenstestament is kan de rechtbank een bewindvoerder aanstellen. Het nadeel hiervan is onder andere dat schenkingen niet meer mogelijk zijn, verantwoording aan de rechter moet worden afgelegd en toestemming nodig is voor de verkoop van het huis. Ook zijn er verschillende soorten testamenten, zoals voor erfgenamen, met een privé clausule (bij echtscheidingen), met opeisbaarheidbepalingen of met de naam van de executeur. Als men kleinkinderen iets wil schenken dient dit duidelijk in het testament te worden opgenomen. Als laatste tip gaf de notaris mee dat je deze zaken tijdig moet regelen om later niet voor onprettige of financieel nadelige gevolgen komen te staan

RC

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Veilig ouder worden

Vijftien jaar Computer Club Breskense Senioren

accbs2

Het was in de tijd dat de Bhalotra-plannen in Breskens nog de volle aandacht hadden en zoals toen diverse instanties meldden, we met de overgang naar de 21ste eeuw van een oude naar een nieuwe economie zouden gaan. In die tijd betaalde bijna iedereen nog contant, aan de balie van de bank kon men nog geld ophalen, er was nog voldoende personeel om te helpen. Dat jaar (2202) werd de euro ingevoerd en kwam alles in een digitale versnelling. 

In die tijd staken enkele senioren de koppen bij elkaar en kwamen op het idee om voor hun leeftijdgenoten het computergebeuren in beeld te brengen. Op 22 mei 2002 werd bij een van hen aan de keukentafel de C.C.B.S. (Computer Club Breskense Senioren) opgericht en werden de daaraan verbonden bestuursfuncties verdeeld. Door een goed contact met de Algemene Woningstichting Zeeuws-Vlaanderen (AWZV, nu Woongoed Zeeuws-Vlaanderen), kregen we acht afgeschreven computers. Ze waren zeker nog goed genoeg om de beginners op weg te helpen.
Wat nog mankeerde was een lokaliteit om ze in onder te brengen. Dat we toen al vlug van start konden gaan, was te danken aan de sympathie die de toenmalige directeur van de AWZV voor ons had. Deze stelde ook zijn vergaderruimte beschikbaar, evenals het koffieapparaat en we mochten een keer in de veertien dagen op donderdagavond en vrijdagmiddag ‘ons ding’ doen. Hiervoor kregen we de sleutel met alarmcode van het kantoor. Door deze geste konden we het deelnemersgeld opzij leggen voor de aanschaf van nieuwe apparatuur. Dit was zeker nodig omdat toen na het opgaan in Woongoed Zeeuws-Vlaanderen onze gastheer, de AWZV, niet meer bestond. Hierdoor en na enkele goede gesprekken met de bibliotheek kregen we de gelegenheid daar een gedeelte te huren. Na enige tijd kwam ook hier de melding van de brede school binnen en konden we na anderhalf jaar weer bedenken wat te doen en op zoek gaan naar en andere locatie.
Intussen was door toedoen van gemotiveerde vrijwilligers, die op een simpele maar doeltreffende manier van lesgeven ons een grote toeloop van deelnemers bezorgde, bekendheid en sympathie ons vooruitgegaan. De aanvankelijk geopperde mening dat het na een paar jaar wel gedaan zou zijn met de computer was niet zo en we voelden ons verplicht hier een oplossing voor te zoeken.
Geloof het of niet het was weer dezelfde directeur, maar nu bij Woongoed Zeeuws-Vlaanderen die ons verder kon helpen met de vrijgekomen kantoortjes van ZorgSaam die waren ondergebracht in het toenmalige dienstencentrum Goedertijt.
De meeste van onze vrijwilligers waren gezegend met een goede linker- en rechterhand en was het dus geen probleem om van twee kantoortjes één leslokaal te maken. Ook het meubilair kreeg met aanpassing van geschonken tafels en stoelen een prima uitstraling. Intussen waren de computers vernieuwd, was het aantal uitgebreid naar veertien en hadden we twaalf vrijwilligers. Vele winters hadden we meer dan driehonderd deelnemers aan tafel.

accbs 2011

Mede door de minimale huur en de vele deelnemers waren we in staat te sparen voor later. Later kwam vlugger dan verwacht, want de doorontwikkeling van Microsoft verplichtte ons weer te investeren in nieuwe apparatuur. De kosten hiervoor zouden er behoorlijk inhakken, ondanks het feit dat de vrijwilligers belangeloos, zonder enige cent vergoeding hun krachten wijdden aan de CCBS. Sommigen reden zonder vergoeding met hun auto van/naar Schoondijke, Oostburg en Sluis. We vonden deze investering dus niet verantwoord.
Al enkele jaren hadden we de Rabobank over de vloer bij het lesgeven in telebankieren. Zij heeft ook een Stimuleringsfonds en het werd ons gegund hiervan te mogen profiteren. Verder heeft het plaatselijk automatiseringsbedrijf B en P ons een eind op weg geholpen, zoals ze dit al die jaren hebben gedaan.
Bij de CCBS staat altijd voorop dat je als vrijwilliger datgene kan doen dat je in deze club leuk vindt en dat privé altijd op de eerste plaats komt, alsmede het leren van elkaar. Jaren geleden werd in een ander bestuur de kreet het ‘Bresjesgevoel’ gelanceerd. Vul het maar in als ingezetene van Breskens: clubliefde, tevreden zijn met waar je woont, sport en verblijft en je verdere gevoelens. Dit gevoel kan je krijgen bij het zien van vaders, moeders en vrijwilligers die de jeugd van Breskens een gezonde ontwikkeling willen meegeven door te helpen bij jeugdopleidingen van voetbal-, korfbal-, tennis-, judo-, turn- en zwemvereniging. Als je dan senior bent geworden kan je aansluiting bij onze club zoeken om samen dat ‘Bresjesgevoel’ te ervaren en verder uit te bouwen.
Na ruim acht jaar in de hoogste versnelling de CCBS te hebben bestuurd, kwam het bericht dat we voor de vierde maal een nieuw onderkomen moesten zoeken. Door de afbraak van Goedertijt, de nieuwbouw van Hooge Platen en het onderbrengen van diverse clubs en verenigingen op een latere datum in mfc De Korre (waar voor ons, zo deelde men mede, geen plaats zou zijn) konden de digitale senioren opnieuw op zoek naar een geschikt gebouw of pand. Een van ons, die regelmatig zijn fysiek op peil hield door met grote passen door de Breskense straten en wegen op pad te gaan, had twaalf mogelijkheden gezien. Maar door te hoge huur en ongeschikte afmetingen en ligging was er niet één geschikt.
Bij lang nadenken rees de gedachte een Portakabin aan te schaffen en de gemeente om een plaatsje vragen. Het plaatsje werd toegezegd en konden we op zoek naar diverse leveranciers van deze cabines. Bij het tot stand komen van de aanschaf en plaatsing bleek het plaatsje niet meer beschikbaar te zijn. Wij opnieuw op zoek naar een plaatsje en we vonden er een op het pleintje achter de Tulpenstraat. De helft van de bewoners was er echter op tegen, dus weg was ons ‘Bresjesgevoel’.
Soms ligt echter de oplossing voor je probleem onder je neus. Ons oog viel op het bijgebouwtje, berging, garage van Goedertijt, waar we dagelijks voorbij liepen. De eigenaar hiervan was Woongoed Zeeuws-Vlaanderen en het was weer de oud-directeur van deze organisatie die de kruk van de Woongoeddeur nog in zijn handen had en voor ons kon bemiddelen om dit niet af te breken maar te verhuren aan de CCBS.
De positieve beslissing om te mogen/kunnen huren deed ons een zucht van verlichting slaken. Alle veranderingen en verbouwingen, zowel binnen als buiten, waren echter voor eigen rekening. Er moet gezegd worden dat we een penningmeester hadden die les geeft in het Excel rekenprogramma. Hij weet hoe hij als een arend zijn kosten moet bewaken, maar dat het toch wel een zware klus zou worden dit naar behoren in te vullen.
Door verder te denken komen dan sponsors in beeld. Schoorvoetend zijn we deze weg ingeslagen. Tot onze vreugde bleken de bekendheid en de sympathie van de CCBS nog groter dan we al dachten. Nieuwe plannen en tekeningen werden ingediend en na een vlotte toezegging vanuit de gemeente Sluis kon de verbouwing beginnen.
Inmiddels was onze groep uitgebreid met mensen die een behoorlijke technische ervaring hadden en kreeg ieder naar zijn kundigheid de bij hem behorende taak. De gemeente Sluis hielp met de nutsvoorzieningen, aannemer Jan van de Wege uit Groede deed het metselwerk, de Zeeuwse Verwarming Unie de cv installatie, constructiebedrijf Van Vugt het ijzerwerk, Wille de rolluiken, Verdegem Wonen de vloerbedekking, Keukenstudio Oostburg de keuken, Karel Pol de sanitaire voorziening, schildersbedrijf De Sutter het verf en het behang. Zelden hebben we zoveel in saamhorigheid en met veel plezier senioren bezig gezien een klus te klaren. In betrekkelijk korte tijd werd een nieuw onderkomen gerealiseerd dat er professioneel uit zag en waar we nu alweer vijf jaar met veel plezier de beginnende en gevorderde computeraar op weg helpen.

Terugkijkend van waar we zijn begonnen is er in vijftien jaar op het digitale vlak bijzonder veel veranderd en hebben we deze door gemotiveerde vrijwilligers hierin ons mannetje gestaan. Het leertempo wordt met veel tijd en geduld aangepast aan het niveau van de deelnemers en dit was en is voor senioren een aangename ervaring om mee te doen.
Nog steeds wordt ervaren dat iedereen die pas begint, ontzettend veel opsteekt van de beginnerscursussen met daarna de vervolglessen Internet, E-mail, Tekstverwerking, Rekenprogramma Excel, Combicursus en fotobewerken.
Ook was het enkele jaren na het starten dat de Rabobank met ons het contact legde om korte workshops Telebankieren (tegenwoordig heet dit Internetbankieren) te geven door gebruik te maken van onze faciliteiten en dit tot op heden nog steeds gebeurt. Ook de overheid doet steeds meer via het internet. Daarom biedt de bibliotheek in samenwerking met de gemeente Sluis en de Computer Club Breskense Senioren een speciale cursus Digisterker aan om mensen op weg te helpen met het omgaan van de DigiD code en het gebruik ervan.
Evenals de zorg om met lesmateriaal ‘bij’ te blijven en in te spelen op de huidige trends, is het koffie zetten een zekere must geworden en wordt er na een klein uurtje op de rem getrapt om even bij te komen van de inspanning op het toetsenbord en te genieten van een welverdiend bakje troost.
Door te blijven zoeken naar zaken en nieuwe mogelijkheden om het omgaan met de computer voor de deelnemers aan onze cursussen te veraangenamen, is er nu de mogelijkheid om bij moeilijkheden thuis hulp op afstand in te schakelen. Dit is mogelijk geworden door de toetreding tot ons vrijwilligerskorps van een jonge senior met meer dan ruime ervaring op dit gebied

Op www.ccbsbreskens.nl staat alle informatie om nog eens rustig na te kijken. Wij hopen u te mogen begroeten op een van onze cursussen, waar wij dan weer het ‘Bresjesgevoel’ bevestigd hopen te krijgen.

bestuur CCBS

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Vijftien jaar Computer Club Breskense Senioren

Petitie grafrechten overhandigd

aPetitie

In Rondje West van 24 april riep Sjaak van den Broecke bewoners uit de gemeente Sluis op een petitie te ondertekenen waarin B en W en de gemeenteraad werd gevraagd het bedrag dat de inwoners in rekening wordt gebracht voor de grafrechten van hun familieleden te halveren. De Bressiaander kreeg 700 reacties, waardoor hij donderdag 22 juni de petitie tijdens de gemeenteraadsvergadering overhandigde. Hij sprak hierbij de volgende woorden: 

“Mijn vader herinner ik me, als een intelligent, maar vooral integer en sober levend mens. Toen hij de leeftijd van tachtig reeds een aantal jaren was gepasseerd, vertelde hij me meerdere malen niet te zullen sterven. “Ik ga niet dood”, zei hij. En iedere keer fronste ik mijn wenkbrauwen en antwoordde: “Pa, ieder mens word geboren om te sterven, dat is een natuurlijke cycle en daar ontkomt niemand aan.” Daarop heeft hij me nooit een antwoord gegeven.
Na zijn overlijden besefte ik pas de betekenis van zijn woorden, want mijn vader is niet dood, hij leeft verder in mijn hart. Zoals de honderden of misschien zelfs duizenden overledenen op onze begraafplaatsen, hier in onze gemeente verder leven in de harten van hun nabestaanden. Deze begraafplaatsen zijn de herdenkings plaatsen voor de overledenen, waarvan we hebben gehouden, die we hebben liefgehad toen ze nog in leven waren. Als dit wegvalt, is er niets tastbaars meer over en komen ze alleen nog op papier in de gemeentearchieven voor.
Ik besef dat het onderhoud van deze begraafplaatsen geld kost. Ik heb begrepen dat de gemeente dit geheel of gedeeltelijk uitbesteed. Ook heb ik vernomen dat dit misschien niet overal even optimaal gebeurt. Wel zie ik dat veel nabestaanden hun graven goed onderhouden. Ik zie ook dat oude grafmonumenten van arduin vervangen worden voor nieuwe van prachtig graniet.
Als voormalig bloemist kwam ik regelmatig beroepshalve op meerdere begraafplaatsen. Meer dan 25 jaar maakte ik de krans ter herdenking van de slachtoffers van het bombardement van 11 september 1944 op Breskens en jaarlijks assisteerde ik de kranslegging op die datum bij het monument op de begraafplaats aan de Ringlaan. Als kind speelde ik op die begraafplaats en zal er te zijner tijd ook rusten. Als bloemist en ambulant bloemenverkoper bezocht ik wekelijks meer dan 25 jaar lang de meeste dorpskernen. Ook de kleintjes zoals Sintepier en Truzement. Zodoende ken ik onze streek en haar bevolking als geen ander. Zo weet ik dat sommige nabestaanden het graf van hun vroegere buurman of buurvrouw mede onderhouden, omdat die nabestaanden te ver weg wonen. Ik ken mensen in verzorgingstehuizen die echtgenoot of echtgenote reeds lang geleden verloren hebben en ik ken mensen die vijf graven uit hun familie hebben te onderhouden. Ik ken ook mensen die door tragische ongevallen hun kind hebben verloren, in de bloei van het leven, waarvan de pijn van dat verlies nooit meer zal verdwijnen.
Namens al deze mensen die deze petitie getekend hebben en de vele sympathisanten, bied ik deze aan, als signaal vanuit de bevolking aan het college en de raad van de gemeente Sluis om de heffing op de verlenging van de grafrechten te herzien, deze heffing te verzachten. Immers ons West-Zeeuws-Vlaanderen is economisch minder bedeeld dan bijvoorbeeld andere regio’s. Veel mensen profiteren niet van de toeristenindustrie. Onze jeugdige hoger opgeleiden komen hier niet gemakkelijk aan een baan op hun niveau en trekken weg naar elders.
Voor veel inwoners valt deze heffing bovenop alle andere lasten zwaar. Voor al deze nabestaanden vraag ik deze heffing te herzien door de termijn bijvoorbeeld te verlengen naar tien jaar of het bedrag van de heffing te halveren.
Ik sta hier met bijna 700 handtekeningen. Iemand vroeg me: “Hoe kom je daar aan, heb je van deur tot deur aangebeld?” Nee, als ik daar de tijd voor had kunnen vinden, stond ik hier met 7000 handtekeningen.”

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Petitie grafrechten overhandigd

Kidsfundag bij De Boskreek

aIMG_8736

Tennisvereniging De Boskreek hield op zondag 25 juni een kidsfundag, een evenement dat ook door andere verenigingen in West-Zeeuws-Vlaanderen georganiseerd wordt. Vijftig kinderen namen deel. Heleen Tazelaar, voorzitter van de jeugdcommissie van De Boskreek, gaf aan dat dit geen record was. Zij herinnerde zich dat er ooit eens zestig kinderen deelnamen. Nu waren er kinderen van zeven verschillende verenigingen.

aIMG_8739

De deelnemers waren verdeeld in drie leeftijdsgroepen en konden vier of vijf partijtjes spelen. Na afloop werden de prijzen uitgedeeld.

aIMG_8741

RC

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Kidsfundag bij De Boskreek

Familiedag sluit seizoen BKC af

abkc1

Zaterdag 24 juni vond de jaarlijkse familiedag plaats op het terrein van korfbalvereniging BKC. Het aantal deelnemende teams was in vergelijking met vorig jaar afgenomen. De vijf teams hadden weer originele namen verzonnen: ‘team Jumbo’, ‘Hengelen maar’, ‘de twufelaars’, ‘ajeneihun nie kietelt ej nooit gjin leute’ en de ‘reserve-Belgen’.

abkc4

In tegenstelling tot de voorafgaande weken liet het zonnetje het afweten. Na de pauze moest er zelfs in een miezerig regentje worden gespeeld.

abkc2

Na het laatste fluitsignaal bleef het nog lang druk en gezellig in de kantine, waar vijf kandidaten een playbackshow ten beste gaven. Dat waren de ‘senioren’, ‘meisjes van links naar rechts’, ‘de D’s’, ‘de F-jes’ en ‘meiden met dikke tieten’. Na rijp beraad oordeelde de jury dat de laatstgenoemden hadden gewonnen.

abkc3

RC

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Familiedag sluit seizoen BKC af

Oproep nieuwe redactieleden

Beste lezers van Op Bresjes,
De dorpsraad van Breskens vindt het heel erg jammer dat Op Bresjes stopt. Verschillende organisaties en bewoners vinden dit ook. Daarom willen wij als dorpsraad kijken of er een mogelijkheid is om een huis-aan-huisblad voort te zetten. Wij realiseren ons dat dit niet zo vaak zal kunnen verschijnen en misschien niet zo groots als we gewend waren.
We zoeken mensen die geïnteresseerd zijn om een redactie te vormen en mensen die het leuk vinden om een bijdrage te leveren aan ons dorpsblad.
Is dit iets voor u/jou?
Neem dan contact op met Laura Vroon, lacvroon@gmail.com, tel. 06 15562640, of Suzan Boersma, bresjes1@kpnplanet.nl

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Oproep nieuwe redactieleden

Geslaagd

ageslaagd (1)

Opnieuw kunnen wij melding maken van een aantal geslaagde Bressiaanders. Dat zijn:
Praktijkschool De Sprong, vorkheftruck: Billal Boubaker, Jelle Teeuws.
VMBO, kaderberoepsgerichte leerweg, voertuigtechniek: Hamza Badal Mahmoud.
VMBO, kaderberoepsgerichte leerweg, handel en administratie: Sjoerd Mathijssen.
VMBO, kaderberoepsgerichte leerweg, metaaltechniek: Ricardo Mariman.
VMBO, theoretische leerweg: Pieter Huigh, Arjen De Meijer, Mikki Versprille.
HAVO, profiel natuur en gezondheid: Mandy Robijn.
ATHENEUM, profiel cultuur en maatschappij: Romy Verplanke.

Gefeliciteerd. Geslaagd en niet vermeld? Meld het ons!

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Geslaagd

In memoriam: Frans Maas en Freddy Franssens

‘Helaas ging deze bui niet achterom…’ staat boven de advertentie van Frans Maas en Freddy Franssens. Nee, deze niet.

aFrans MaasFrans Maas.

Er ging op zaterdag 1 juli een schok door Breskens, de regio, het hele land en ver daarbuiten toen bekend werd dat het jacht Capella met aan boord een team van zes ervaren zeilers voor de kust van Oostende was vergaan.
Zeilers in hart en nieren, maar Frans en Freddy waren veel en veel meer. Het waren vooral liefhebbende echtgenoten en vaders, naast supertrotse grootvaders die genoten van hun kleinkinderen. Levensgenieters en vrienden die door velen node gemist zullen worden.
Frans en Freddy waren in de wereld van de watersport meer dan bekend. Frans (25 juli 1937 – 1 juli 2017) vooral door zijn ontwerpen van jachten. Deze trokken wereldwijde belangstelling. In de meeste marina’s ter wereld ligt er wel een door Frans ontworpen jacht. Vooral de Loper en de Standfast zijn bekende scheepstypes. Daarnaast vervulde hij een aantal bestuurlijke functies, waaronder bij de Watersportvereniging Breskens en de Noordzee Jachtclub in Rotterdam. Voor deze verdiensten ontving Frans in 2000 een Koninklijke Onderscheiding.
Zeilen, het was al een passie en hobby van zijn vader Jaap. Zeilen werd passie en hobby van Frans. Vooral ook om zelf alles te kunnen uitproberen: “Zien of het spul allemaal werkt!” Het werkte voortreffelijk. Honderden races zijn door Frans en zijn team gewonnen. Een team dat vaak werd versterkt met zijn vriend Freddy.

Freddy (15 december 1945 – 1 juli 2017) leerde Frans kennen door zijn werk als ‘krullenjongen’ bij de werf van Jaap Maas. Freddy was toen nog maar veertien jaar. Net als Frans werd hij besmet door het zeilvirus. Freddy werd jachtbouwer. “Je groeit in dit vak. Kun je het dan nog combineren met je fascinatie voor zeilen is het optimaal.”

aFreddy FranssensFreddy Franssens.

In 1986 kwam Freddy in dienst bij Proctor Masts, later Hall Spar Rigging, en leerde naast bouwen ook tuigen. Hij werd uiteindelijk ‘Senior Rigger’. Hij groeide met Hall en leerde alle facetten van het vak. “Hij was de mentor van onze andere drie tuigers”, aldus André Vermeulen van Hall. “Inspirator voor ons allemaal en vooral een harde werker. Heel energiek en steeds op pad naar vrijwel alle jachthavens van Europa.”
Voor familie en vrienden, collega’s en zeilers, jachtbouwers en mastenmakers, is het heengaan van Frans en Freddy een groot verlies dat nog verwerkt moet worden. Hoe, dat weten we nog niet. Ons blijft alleen Fransien en Ina en hun familie heel veel sterkte te wensen.

Redactie

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor In memoriam: Frans Maas en Freddy Franssens

Droomijsje beste ijssalon van Zeeland

Droomijsje is door het RTL4-programma ‘De Beste van…’ gekozen als beste ijssalon van Zeeland. 

adroomijsje

Leonie Schoonaard en twee van haar medewerkers, Hannelore en Sjoerd.

Er is een vlog (video weblog) gemaakt. “We hebben het beeldmateriaal aangeleverd”, vertelt Leonie Schoonaard van Droomijsje. “Voor de verkiezing van ‘beste van Zeeland’ zijn een aantal keren mysteriegasten bij ons geweest. Dat weten we nu. Het resultaat hiervan wordt op 16 juli op RTL4 uitgezonden. Het is een prachtig filmpje geworden dat niet alleen onze ijssalon promoot maar ook een opsteker voor Bresjes is. Allemaal kijken en vooral stemmen.”
Nu willen wij, de Bressiaanders, natuurlijk dat Daniel en Leonie met hun team de beste van Nederland worden. Er kan tot een augustus gestemd worden! Via www.rtl.nl/debestevannederland kunnen de vlogs nog eens rustig terugkijken en direct een stem uitbrengen op hun favoriet: Droomijsje!

WV

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Droomijsje beste ijssalon van Zeeland

Verkoop fotoboek start tijdens markt

avoorzijde1

Zondag 30 juli is het Zondagsmarkt op het Spuiplein. In een van de kramen zal het nieuwe fotoboek met oude foto’s van Breskens verkocht worden. Op deze dag geldt een speciale verkoopsprijs, terwijl er voor de eerste paar honderd kopers een gratis boek is.

Zaterdag 29 juli verschijnt de laatste uitgave van Op Bresjes. Na 18 jaar en 456 uitgaven van het dorpsblad stopt de redactie ermee. Als afscheid heeft de redactie een fotoboek samengesteld met daarin afbeeldingen die voor het merendeel gestaan hebben in de rubriek Oude beelden. De foto’s zijn voorzien van een begeleidende tekst en groot afgedrukt.

avoorzijde2

Het boek heeft een afmeting van 240×220 millimeter en is voorzien van een harde kaft. De verkoopsprijs van het boek zal in de winkel € 15,= bedragen. Tijdens de Zondagsmarkt kost het boek echter € 12,50 en krijgen de kopers er tevens het boek Klussen bij (zo lang de voorraad strekt). Daarnaast zijn er nog enkele boeken verkrijgbaar die de redactie van Op Bresjes in het verleden gemaakt heeft.
Alle reden om naar het Spuiplein te komen en het fotoboek en/of een van de andere aan te schaffen! De markt is van 12.00 tot 21.00 uur.

Geplaatst in Algemeen | Reacties staat uit voor Verkoop fotoboek start tijdens markt

Oude beelden: Visserijfeesten 1953, 455

visfeest 53

Tijdens de eerste Visserijfeesten (toen nog ‘Visserijdag’) op zaterdag 15 en zondag 16 augustus 1953, verwelkomde Bresjes rare snuiters. Grieken en Romeinen, goden en godinnen, zeemeerminnen en zeemannen bevolkten onze kaoje. Wat was er aan de hand? Speciaal voor dit feest had mevrouw E. van den Broecke-de Man een openluchtspel “Proficiat Bressiana”geschreven. Dit spel werd vertolkt door ruim 250 Bressiaanders. Gedurende ruim twee uur zagen de toeschouwers de geschiedenis van Breskens voorbijkomen. De spelers waren niet alleen super enthousiast, maar hadden ook met de nodige fantasie en op een uiterst creatieve manier, hun kostuums samengesteld. Er waren Griekse godinnen die werden begroet door een soort Romeinse veldheer in een strijdwagen getrokken door een echt Zeeuwse knol, middeleeuwse herauten werden begeleid door voetvolk met een soort frietbeuze op hun hoofd en schijnbaar liep een meeresgod met de staf van Sint Nicolaas. Dit alles mocht de pret niet drukken. Het werd een groot succes. Wordt vervolgd.

visfeest 53-2

WV

Geplaatst in Oude Foto's | Reacties staat uit voor Oude beelden: Visserijfeesten 1953, 455

De Schakel, 455

schakel70

Ingezonden
Buiten verantwoordelijkheid der Redactie
Dezer dagen had ik een paar kleine boodschappen te doen, postzegels kopen en distributiebescheiden afhalen. Klokslag 9 uur stond ik voor ‘t postkantoor, ‘n Rood emaile plaat verkondigd met witte letters dat ‘t kantoor o.a. geopend is van 9-12 uur. ‘k Stap ‘t kantoor binnen en na ‘n wederzijds “goeden morgen”, vraag ik mijn verlangde zegels en kreeg ze ook direct, bijgevolg dat ik ‘n halve minuut over negen weer op straat stond. Zo helpen de postambtenaren ons al jaren vlug, vriendelijk en correct.
Om half tien stap ik naar het distributiekantoor. Hier wordt – door een gedrukte kaart voor de ramen bekend gemaakt dat op dien en dien dag het kantoor van 9.30 geopend is. Nu blijkt mij dat de deur inderdaad geopend is, doch in het lokaal vind ik geen ambtenaar doch wel een roodgloeiende kachel van flinke afmetingen. Tussen 9.35 en 9.50 vallen achtereenvolgens drie heren en een dame binnen, later nog gevolgd door een heer, die zei dat het buiten zeer koud was, iets wat wij ook al wisten. De dame en de heren stelden zich zonder commando’s af te wachten in een kring rond de kachel, en één begon een tamelijk langdradige recensie over een film die hij gezien had. Het was al enige tijd 10 uur toen er één begon de lange tafel wat dichter bij de kachel te werken. Toen er blijkbaar voldoende publiek was, begon de voorstelling.
Op de tafel verschenen enige pakken waaruit een groot aantal pakjes bonkaarten netjes uitgestald werden.
Drie of vier keer werden de kaarten nageteld. Ja secuur zijn ze op de D.B. kantoren. Zo komt het dat er op die kantoren geen enkele kaart in verkeerde handen komt.
Eindelijk nadat een der heren, nog eens een verse sigaret had opgestoken en de dame in een soort spiegeltje gekeken had, werd de zaak voor het publiek opengesteld en viel mij de eer te beurt als eerste voor de tafel te mogen verschijnen om het mij toe komende in ontvangst te nemen.
Toen ik buiten kwam was het vijf minuten over half elf.
Het is best mogelijk dat op mijn goeden morgen een der ambtenaren iets terug zei, doch dat kan ik mij niet herinneren. Toch heb ik dien dag lang en breed nagedacht over het grote verschil tussen post- en distributie-ambtenaar. Maar wat op de post mogelijk is, kan toch ook elders?
De oorzaak? ‘k Denk dan aan het gezegde van een fabriekselectricien die als wij eens met het licht sukkelden altijd opmerkte: … als het niet aan de lamp ligt zal het wel aan de leiding mankeren.

Aert v.d. Ploeg

Ingezonden
Buiten verantwoordelijkheid der Redactie
Loket D.K. Oostburg
Deze woorden staan deze week bij alle werkgevers en werknemers in hun hersens gegrift. Wat is het geval? Vorige week en deze week kregen alle werkgevers en werknemers een kaartje van de Distributiedienst om op 4 Juni om hun toeslag bijzondere arbeid te komen. De meesten ging het net als mij, ze dachten laat ik niet vergeten de stamkaarten tegen 4 Juni bij elkaar te krijgen en in mijn woonplaats om de toeslag te gaan. Maar dan kwam de ontgoocheling en tevens de woede over zoveel bureaucratie. Want wij allen hadden niet gezien dat op het kaartje stond (en zij die het gezien hadden dachten aan een vergissing): Afhalen loket D.K. Oostburg!
De woorden, die dan gezegd zijn, horen niet geschreven te worden, maar te begrijpen was het dat men ze zei. Is het geen schande dat in deze tijd van veel werk, van Wederopbouw, waar ieder op een huis enz. zit te wachten, de mensen een paar uur moeten verzuimen om de hun toekomende extra bonnen in Oostburg te gaan halen? Gaan we nu trachten vooruit te gaan of moet het steeds erger worden? Laat alle werkgevers, werknemers en bonden hier een krachtig protest laten horen tegen een dergelijke verspilling van tijd, nu elke minuut kostbaar is.

Een werkgever

Haagsche Hopjes
Nogmaals het nijpende dienstbodevraagstuk
In de Zwolse courant kwam onlangs de volgende advertentie voor: “Nette dienstbode gevraagd, liefst uit boerenstand. Desgewenst tegen ruiling van hooi. Nieuwe ruilhandel, werkkrachten tegen hooi.”
Tegen een tabaksbon of snoepkaart zou ik me nog kunnen indenken, maar hooi. Welk mens eet er nu hooi, ik geloof zelfs een vegetariër niet. Blijkbaar stelt deze werkgever, die zo te hooi en te gras een dienstbode oproept, geen voldoende vertrouwen meer in onze munt en betaalt hij daarom in goederen of is hij zodanig door de vermogensaanwasbelasting getroffen of door de heffing ineens, dat hij in eens alles aan den fiscus heeft moeten offeren. Gelukkig heeft hij dan nog zijn hooi overgehouden; daarmee konden ze bij Financiën, waar ze allemaal auto’s hebben en geen rijpaard, toch niets beginnen.

Deviezen
Een paar weken geleden hadden we het in “De Schakel” over de Nota van Minister Lieftinck omtrent de toestand van ‘s Lands financiën en we zouden daarop nog nader terugkomen. We zullen de lezer een dorre opsomming van de daarin gegeven cijfers besparen en ons beperken tot de hoofdzaak, n.l. de deviezen. Het woord “deviezen” werd vroeger slechts zelden gebruikt en wel alleen door vaklieden, doch tegenwoordig wordt het door een ieder in de mond genomen en blijkbaar ook door iedereen begrepen. Men verstaat daaronder buitenlandse betaalmiddelen, voor ons dus voornamelijk dollars, ponden en francs. Om zijn verblijf in het buitenland te betalen of daar inkopen te doen, moet een Nederlander over deviezen beschikken. Vroeger kon hij zijn guldens hier te lande onbeperkt omzetten in vreemde valuta, doch de laatste jaren wordt dit niet meer toegelaten omdat de positie waarin de oorlog ons land heeft gebracht tengevolge heeft, dat wij veel meer schuld aan het buitenland hebben dan het buitenland aan ons land heeft te betalen en die schuldenlast mogen we niet nodeloos vergroten; deswege geen onbeperkt omzetten meer van guldens in vreemde munt. Vroeger was wat men onze betalingsbalans pleegt te noemen in evenwicht. Weliswaar verkochten wij aan het buitenland jaarlijks voor een halve miljard minder dan wij er voor afnamen, was er dus een nadelig saldo van 1/2 miljard op onze z.g. goederenbalans. Doch de betalingsbalans werd in evenwicht gebracht door betalingen aan ons voor door ons bewezen diensten, zoals het buitenlands scheepvaartvervoer door Nederlandse maatschappijen en voorts en vooral door inkomsten van onze in het buitenland belegde gelden en door verkoop, via Nederland, van Indische producten. Deze posten op de betalingsbalans vulden het tekort op de goederenbalans geheel aan. Beide balansen zijn thans ernstig verstoord, omdat we veel meer uit het buitenland aan consumptie-artikelen, grondstoffen en machines moeten invoeren dan we uit dien hoofde kunnen uitvoeren en voorts, omdat onze scheepvaartmaatschappijen ook dusdanig door de oorlog zijn getroffen, dat ze slechts over ongeveer de helft van hun vroegere vervoerscapaciteit beschikken en tenslotte omdat onze z.g. Indische winsten geheel zijn weggevallen.

Op de betalingsbalans voor 1947 was het nadelig saldo door het Centrale Planbureau geraamd op 1,4 miljard en door de plaats gehad hebbende prijsstijgingen in het buitenland wordt dat nadelig saldo volgens de Nota Lieftinck thans op niet minder dan 2,2 miljard geraamd. De eerste vraag die thans moet worden opgelost is dus, hoe dat tekort op onze betalingsbalans voor 1947 kan worden weggewerkt en de daarop volgende kwestie geldt het treffen van maatregelen, om op den duur tot een evenwichtige balans te komen. Voor dit jaar zal dat volgens de Minister kunnen geschieden door het opnemen van nieuwe kredieten in het buitenland en door de al of niet vrijwillige verkoop van buitenlandse effecten, waardoor de Minister het uiteindelijk nadelig saldo voor 1947 van 2,2 miljard hoopt terug te brengen tot ongeveer 600 millioen gulden. Verder zal verbetering in de positie kunnen worden verkregen, door de importen te verminderen en de exporten te verhogen. Hier dreigt ook weer de vicieuze cirkel, want verlaging van de import van grondstoffen en machines zal ten gevolge hebben, dat de export van afgewerkte fabricaten vermindert. Ten aanzien van de in het buitenland op te nemen kredieten moet men nog bedenken, dat daarmede wel de gaten in de betalingsbalans van het lopende jaar worden gestopt, doch dat die in de vorm van rente en aflossingen toch weer op de betalingsbalansen van de komende jaren zullen drukken. Het aspect is somber en Minister Lieftinck staat hier voor bijna onoverkomelijke moeilijkheden; de belastingschroef verder aandraaien is gevaarlijk, omdat de grens van draagkracht reeds thans bijna overschreden is en ook omdat een verzwaring van de belastingdruk de financiële positie van ons bedrijfsleven zodanig verzwakt, dat het vertrouwen van het buitenland, dat onmisbaar is om ons krediet te verlenen, beneden het nulpunt zou dalen.

Aan het slot van zijn nota inzake de deviezenpositie zegt minister Lieftinck: “In het licht van de zorgelijke deviezenpositie van Nederland in de komende jaren gezien, is het noodzakelijk gebleken, een regeling te ontwerpen, welke ten doel heeft nog scherper dan tot dusverre toe te zien op een zo nuttig mogelijk gebruik van de beschikbare deviezen. Hieraan zullen maatregelen worden verbonden,die er op gericht zijn de deviezeninkomsten zoveel mogelijk op te voeren. Met dit doel worden onder depersoonlijke leiding van de ondergetekende de prioriteiten opnieuw onder het oog gezien en wordt onderzocht op welke wijze het invoerprogramma 1947 verder kan worden besnoeid, opdat hij aan zijn ambtgenoten dienovereenkomstige voorstellen zal kunnen doen. Daarbij worden de deviezenbegrotingen van de departementen eveneens herzien, met inbegrip van die van marine en oorlog. Hierbij zal vooral de nadruk dienen te worden gelegd op aankopen, welke ertoe leiden, dat onze exportcapaciteit wordt opgevoerd. De definitieve sanering van de Nederlandse betalingsbalans valt of staat met ,de opvoering van de export van goederen en diensten in het algemeen. Alle krachten zullen derhalve moeten worden ingespannen teneinde de export zoveel mogelijk te bevorderen. Meer dan ooit zijn de deviezen te beschouwen als de brandstof waarop de Nederlandse machine loopt. Het herstel van ons land is evenwel een zaak waaraan het gehele volk zal moeten medewerken en waarvoor van een ieder een offer mag worden gevraagd”, aldus de minister. Hij verwijst in dit verband naar zijn uitspraak in de jongste nota betreffende de toestand van ‘s Rijks financiën, waarin de drie onmisbare voorwaarden tot de werkelijke verbetering van de toestand worden genoemd: de opvoering van de arbeidsproductiviteit, de vergroting van de export en de toeneming van de spaarzaamheid.

Over het eerste punt, de opvoering van de arbeidsproductiviteit, behoeft niet veel gezegd te worden. Het spreekt vanzelf dat men om uit moeilijkheden te komen, harder moet werken dan wanneer alles in het leven van een leien dakje gaat. We schreven daarover destijds in “De Schakel” onder het hoofd “Pompen of verdrinken” al het een en ander en volstaan met de daar in vervatte conclusie dat, wanneer het Nederlandse volk er met zijn achturige werkdag niet komen kan en de redding van ons land zulks zou eisen, we van die voor normale tijden ingestelde kortere arbeidsduur, maar voor een paar jaar afstand moeten doen.

Het tweede punt, de vergroting van de export, spreekt voor zichzelf. Voor Zeeuws-Vlaanderen kunnen we daarbij aantekenen, dat dit zijn bijdrage aan die export gaarne zo hoog mogelijk opgevoerd wenst te zien; wanneer nog meer kunstmest ter beschikking kan worden gesteld, zal hier de productie nog worden opgevoerd. Over 1946 heeft de land- en tuinbouw, de veeteelt, de bloembollencultuur (allemaal onderdelen van de agrarische sector) zomede de visserij, ons land aan meer dan 500 miljoen gulden aan deviezen opgeleverd, de helft van de totale export over dat jaar. Het platteland mag daar trots op zijn, al heeft men daar dan ook langer dan acht uur per dag voor moeten werken.

Het derde punt, toeneming van de spaarzaamheid, behoeft ook geen uitvoerige toelichting. Wanneer we onze inkopen, vooral van buitenlandse artikelen, beperken tot het hoogst nodige zodanig dat we toch nog een comfortabel bestaan hebben – en we stellen niet strikt noodzakelijke aanschaffingen uit tot later, dan snijdt het mes van twee kanten. In de eerste plaats behoeft ons land dan minder in te voeren en dus minder deviezen uit te geven, terwijl het aan de andere kant de voor export in aanmerking komende goederencapaciteit verhoogt, zodat we meer naar het buitenland kunnen verkopen en dus weer meer deviezen ontvangen. Door deze beide factoren vermindert het nadelig saldo op onze betalingsbalans op de meest doeltreffende wijze. Bovendien heeft de spaarder de zekerheid, dat hij te zijner tijd voor zijn gespaard geld meer en betere en goedkopere artikelen zal kunnen aanschaffen, dan thans het geval is. Tot slot ontstaat dan nog de mogelijkheid – vele kleintjes maken een grote – dat er binnenlands kapitaal wordt gevormd voor belegging in Nederlandse industrieën voor oprichting of uitbreiding daarvan, waarmede dan ons productieapparaat voor de export weer aanzienlijk kan worden uitgebreid, met alweer een hogere ontvangst van deviezen, totdat onze betalingsbalans sluitend zal zijn of zelfs weer een overschot kan opleveren.

Voetbaldiagnose
Door systematische oefeningen de spieren ontwikkelen, lenig te maken en onder controle brengen, noemt men “sport”. “Sportief” is een eerlijk en objectief zich bewegen op het gebied der sport. Als deze definities (van een der eminentste sportdeskundigen) juist zijn, moeten wij wel tot de ontstellende conclusie komen, dat wij Zeeuws-Vlamingen niet in, maar naast de voetbalsport leven. Waar wordt systematisch geoefend? Berust ons voetbalspel alleen maar op “wedstrijdspelen”, dan is het “spel” maar geen manifestatie van “sport”! Het uitleven van restant energie is geen ‘sport’. En hoe staat het met onze sportiviteit? Een Zeeuws-Vlaming is ongetwijfeld eerlijk, objectief zeker niet, de meningen over een spelsituatie zijn vaak zo verschillend als er paren ogen op gevestigd zijn. Dat er steeds nog enkelen zijn die hierover een soort “gecultiveerde amok” maken is reeds meer behandeld.
Samenvattend zijn er dus weinig sportmensen en een minimum sportiviteit. Willen wij ondanks alles toch nog genieten en deelnemen aan werkelijke “sport”, dan moet er veel veranderen.
Ten eerste moeten, vooral jeugdige, voetballers systematisch gaan oefenen iedere dag een uur, een geschikte oefenplaats zowel als passende oefeningen zijn met goede wil te vinden. De toeschouwer dient zich, om werkelijk te genieten van hetgeen aangeboden wordt, te ontdoen van persoonlijke sympathie en/of antipathie en zich te wagen aan de regels waaraan in de desbetreffende sport moet worden voldaan.
Dan en dan alleen, gaat onze sport vooruit.

Voetbaldiagnose
De competitie is afgelopen voor Breskens. Langzaam ging de kaars uit, de laatste opflikkeringen die een uitgaande kaars met zich meebrengt, ontbraken echter nog. Ons spel bleef tot het laatste ogenblik een weinig sloom, maar bovenal star. Berekend, met een schijnbaar zekere overwinning in zicht, wat maar al te vaak een illusie bleek. Vooral de laatste zes wedstrijden kenmerkten die schijnovertuiging. Het bedeesde dogmatische optreden van ons elftal werkt stimulerend op de tegenstanders. Vooral Internos reageerde heftig. Onbekwaam was zeker de scheidsrechter, ofschoon het moeilijk was, onder de velen die de reis naar Etten meemaakten, enkelen te vinden, die het voor gevallene juist konden weergeven. Ongetwijfeld hebben veel Ettenaren nog heel wat te leren. Maar door dergelijke gebeurtenissen de nederlaag trachten goed te praten wijst er op, dat ook Breskens nog wat te leren heeft, al is het dan in andere zin.
Een felle aanklacht tegen de ongure elementen in v.n. wedstrijd, o.m. ook de scheidsrechter, is nodig. Voor Breskens moet het doordringen dat er wegen zijn om dergelijke conflicten, zonder kleerscheuren en met een overwinning, te doorstaan.

Haagse Hopjes
Uit de prutsen
In het “Haags Dagblad” van 2 Mei lazen we, dat in 1939 de Nederlandse rundveestapel uit 1.549.000 melk- en kalfkoeien bestond, maar in 1947 zullen 1.289.000 stieren aan de productie van melk deelnemen.
Nu zijn we uit de prutsen en als we nu al die melk zelf niet kunnen opdrinken, gaan we ze uitvoeren en dan krijgen we voor die stierenmelk een hoop deviezen. Die melk schijnt erg vet te zijn en de Engelsen die zo graag “John Buil” – Jan Stier – genoemd worden, zijn er gek op. En de moffen, die vroeger meestal zo’n stierennek hadden, zitten ook al te likkebaarden; ze willen ons met dollars betalen. Wanneer we nu onze hanen nog zo ver kunnen krijgen, dat ze iedere keer als ze kraaien een ei leggen, dan gaan de eieren ook weldra van de bon.
Over stieren gesproken, zo lazen we onlangs een wetenschappelijke beschouwing over de kunstmatige bevruchting van koeien, die in het buitenland al met veel succes wordt toegepast. Hoe dat gaat kunnen we in dit kort bestek niet aangeven; wel dat het een kwestie is van een injectie. Als dat doorgaat in ‘t groot komt de klad in het beroep van stier en in elk geval gaat de aardigheid er af. Dan komt de stier – of wat we daar voor nodig hebben – in de vorm van een tube met inhoud per post op de boerderij, waarmede we dus aan de postbode een gedeelte van de functie van de stier overdragen. Ja, waar de moderne wetenschap de mens al niet toe brengen kan. Als je het zo nagaat is een stier toch wel een veelzijdig dier. In Den Haag geeft hij – tenminste volgens het Haagse Dagblad – behoorlijk melk en in Limburg, geachte lezer, levert een stier ooft, n.l. heerlijke winterperen. Dit is een feit en schrijver dezes heeft die winterperen dikwijls in Maastricht gegeten; een ware delicatesse. We willen de belangstellende lezer wel eens in het oor fluisteren, wat voor soort ooft dat eigenlijk is. Maar om op die stierenmelk terug te komen, wat zullen we stierlijk het land in krijgen, als we er te veel van drinken.

Geen lapmiddelen
Een dokter van de moderne richting, althans van deze eeuw, bestrijdt niet meer zoals in vroeger tijden de gevolgen van een kwaal, doch tracht vooral de oorzaak van een ziekte op te heffen. Hij snijdt de kwaal uit en maakt daarmede het organisme van de patiënt weer zoveel mogelijk normaal. Deze moderne opvattingen zouden wij ook zo graag toegepast zien door onze Regeringspersonen, ook zij behandelen thans allemaal een zieke patiënt, de Staat der Nederlanden, maar naar onze mening doen ze dat op een geheel verkeerde manier. Ook zij dokteren, zij bestrijden de gevolgen van de kwaal, doch trachten veel te weinig de oorzaken van de kwaal op te heffen. Zij snijden het kwaad niet uit, doch geven een zalfje en een poeiertje en leggen een verbandje op de zieke plaats. In deze grote tijden helpen geen lapmiddelen en zeker niet in ernstige gevallen. We moeten nu doordringen tot het hart der dingen, tot de kern van het probleem. Zo hebben we, om een voorbeeld te noemen, het probleem der ambtenarij, waarover in de laatste maanden in de Pers al zoveel te doen is geweest en waaraan men ook in de Kamers der Staten-Generaal onlangs zoveel aandacht heeft besteed. Een ieder die met een Overheidsinstantie te maken heeft tegenwoordig, klaagt er over en daarom zijn de ambtenaren in ons land thans dan ook verre van populair. Enkele van die critici gaan in hun overdrijving zo ver, dat ze de ambtenaren zien als nutteloze, als schadelijke elementen in de maatschappij, wezens die er alleen maar zijn om onze dure belastingpenningen op te maken en ons het leven zo onaangenaam mogelijk te maken, kortom ongedierte, dat maar zo gauw mogelijk moet worden opgeruimd. Soortgelijke uitlatingen zijn vooral schering en inslag, wanneer hier of daar weer eens een geval van corruptie wordt gesignaleerd. Helaas zijn deze gevallen tegenwoordig aan de orde van de dag en toch mag dit ons geen aanleiding geven, om alle ambtenaren van corruptie te betichten. Overal is kaf onder het koren en deze algemene regel geldt evenzeer voor het ambtenarencorps. Het is een bekend feit, dat de Nederlandse ambtenaar vóór de oorlog in het buitenland bekend stond als uiterst bekwaam, eerlijk en correct. Dat zich thans meer gevallen van corruptie voordoen dan vroeger het geval was, ligt voor de hand. In de eerste plaats is het aantal ambtenaren na de oorlog enorm uitgebreid; bij de honderd en één diensten, bijzondere en tijdelijke diensten en bedrijven, zijn tienduizenden ambtenaren tewerk gesteld, dikwijls mensen zonder voldoende opleiding en bij gebrek aan betere, werd ook in vele gevallen maar lukraak personeel aangenomen en veel te weinig selectie toegepast. Kortom, Jan Rap en zijn maat kwam in Overheidsdienst en daarom valt het niet te verwonderen, dat er thans meer kaf onder het koren zit dan vroeger het geval was.

Een tweede factor is de funeste invloed, die de oorlog op de mens in het algemeen heeft uitgeoefend, doch deze is algemeen en geldt dus zowel voor de ambtenaar als voor de particulier. En nu zal er toch wel niemand durven beweren, dat de gemiddelde maatstaf van eerlijkheid, ook van de particulier, thans nog even hoog zou liggen als voor de oorlog het geval was. We kunnen deze zaak het eenvoudigst stellen als volgt: de ambtenaar is een mens als ieder ander, derhalve is hij ook als een gewoon mens behept met uitstekende, goede, minder goede of slechte eigenschappen. Daaruit volgt dat, wanneer we vandaag aan de dag al onze ambtenaren in Nederland zouden ontslaan en hen zouden vervangen door andere personen uit onze maatschappij, we wat betreft de mentaliteit van het ambtenarencorps er niet op vooruit zouden gaan en de praktijk zou uitwijzen, dat we binnen korten tijd wederom van corruptie zouden horen. Wij persoonlijk zijn van mening, dat de antipathie, welke momenteel ten opzichte van de ambtenaren bestaat, in feite minder de ambtenaar geldt dan wel de eigenlijk gezegde ambtenarij. Nogmaals, er is geen enkele reden om aan te nemen, dat iedere ambtenaar corrupt of ondeskundig zou zijn of dat hij uit slechte neigingen, uit zucht tot heersen en bedisselen, opzettelijk het publiek zou sarren en benadelen. Zo is het in zijn algemeenheid beslist niet en toch zijn de bovengeschetste grieven van het publiek tegen de ambtenarij als regel wel gegrond. Het publiek wordt dikwijls niet goed gediend en veelal ook te langzaam geholpen. Doch daaraan zijn voor alles schuld de veelheid der diensten en de ingewikkelde werkwijze die gevolgd moet worden; te weinig decentralisatie en vooral te weinig zelfbeslissingsbevoegdheid. Daarin zit de kern van dit probleem en wanneer men van Overheidswege de moed en de wil bezat om daaraan een einde te maken, zou de zaak weer even gesmeerd lopen als vroeger. Wanneer men de verschillende diensten terugbrengt tot het hoogst nodige en de verschillende bezettingen dier diensten en bedrijven reduceert tot een zodanig peil, dat alles nog lopen kan zoals het behoort, dan is ook een selectie van de ambtenaren, die nog over moeten blijven, mogelijk en kan zeker het kaf van het koren worden gescheiden. Voordat onze tegenwoordige machthebbers tot zulke maatregelen zullen overgaan, een maatregel die vele heilige huisjes zou treffen, zullen we nog veel blaadjes van onze scheurkalender kunnen trekken, tenzij de zorgelijke financiële toestand van onze schatkist onze tegenwoordige regeerders daartoe reeds binnenkort zou dwingen.

De duizendtallen afvloeiende werkers van vadertje Staat zouden alsdan in het gewone productieapparaat kunnen worden ingeschakeld en, gezien het bestaande tekort aan arbeidskrachten aldaar, zeer nuttig en productief werk kunnen verrichten. Ook hier dus geen lapmiddelen gebruiken, doch de grote lijn uitzetten en volgen; versobering en vereenvoudiging van de Landsdiensten in alle geledingen, zonder pardon en met terzijdestelling van persoonlijke belangetjes. Hier is een algemeen belang te dienen en daarbij mogen geen heilige huisjes of Onze Lieve Heerbeestjes gespaard worden. Men geeft wel eens te kennen, dat onze tegenwoordige ambtenarij een gevolg is van de geleide economie. Geleide economie betekent, dat de Overheid in meerdere of mindere mate leiding geeft aan ons economisch leven. Het wil ons voorkomen, dat in deze naoorlogse tijden zelfs de meest principiële voorstander van vrijhandel tegen het leiding geven aan ons economisch bestel geen bezwaar mag maken, omdat onze maatschappij zich thans nog in een dusdanig ontredderde toestand bevindt, dat een algehele vrijlating van de economische krachten en machten thans tot een volslagen debacle van onze staats- en volkshuishouding zou voeren. Er zijn natuurlijk voor- en tegenstanders van geleide economie en beide verdiepen zich in uitersten. Tegenstanders van prijsbeheersing bijvoorbeeld halen hun argumenten uit het feit, dat tengevolge van de prijsvaststelling van een bepaald product, de producent of tussenhandel daaraan te weinig verdient of daarop zelfs weleens zou toeleggen, doch dat alleen is geen afdoend argument tegen geleide economie. Evenmin is een afdoend argument voor de geleide economie, de grote winst en de macht van de grote trusts en wereldconcerns, zoals dikwijls door voorstanders wordt aangevoerd. Deze gehele zaak is niet zo eenvoudig, doch zoals gebruikelijk ligt ook hier de waarheid weer in het midden, dus tussen de uitersten van vrijhandel aan de ene zijde en prijsbeheersing aan de andere kant. Zoals meerdere economen tegenwoordig zeggen, we moeten hebben een evenwicht tussen dwang en vrijheid, uiteindelijk derhalve vrijhandel onder, controle van de Overheid. We zeggen “uiteindelijk”, want voorlopig kan er nog geen sprake zijn van het loslaten der prijsbeheersing, om de doodeenvoudige reden, dat de beschikbare hoeveelheid goederen daarvoor nog te gering is. Eerst wanneer dat tekort zal zijn opgeheven, mag de vrijhandel zijn intrede doen en kunnen we het spel van vraag en aanbod gerust zijn gang laten gaan. Op de prijsbeheersing als zodanig hebben we dus niets tegen, doch wel tegen de wijze waarop zij werkt.

Er bestaat thans een “Prijzenboekje 1947”, waarin een ieder kan naslaan, wat hij voor een bepaald artikel moet betalen. Zo’n handleiding kan zeker geen lang leven beschoren zijn, want bij een import van geringe omvang als thans mogelijk is, bij alle fluctuaties op de wereldmarkt in de prijzen van goederen en grondstoffen, moeten de kostprijzen bijna van dag tot dag veranderen, zodat het wel zeker is te achten, dat de fabrikant of winkelier zich aan de vastgestelde prijzen niet lang zal kunnen houden, nog daargelaten de bereidheid van het publiek om een z.g. zwarte prijs te betalen voor die goederen, waaraan het op dat ogenblik juist zulk een grote behoefte heeft. Met dit lapmiddel, met deze papieren prijsbeheersing komen we er dus ook hier niet. Tegen het voorlopig nog vaststellen van prijzen voor de meest noodzakelijke levensbehoeften mag geen bezwaar bestaan, omdat het een levensbelang voor Nederland is, dat het evenwicht tussen lonen en prijzen nog in de hand wordt gehouden. Doch wanneer men dan voor die eerste levensbehoeften de prijzen vaststelt, zal men meer dan thans het geval is, rekening moeten houden met de werkelijkheid en min der bouwen op de fantasie van theorieën toepassende “leiders” der economie. Men zal evenzeer rekening moeten houden met de belangen van de producenten als met die van de consumenten, in tegenstelling met de thans door onze Regering gehuldigde opvattingen ter zake, n.l. dat men all de consument ter wille moet zijn. Geen geleide economie alleen te laste van de producent of de middenstand.

We moeten in Nederland komen tot een verhoging van productie, waardoor het aanbod van goederen kan groeien waarmede we telkens een stap doen naar de uiteindelijke vrijhandel en de vervelende en lastige prijsbeheersing een natuurlijke dood kan sterven. Al het andere is en blijft lapwerk, een verplaatsing van moeilijkheden en een verschuiving naar de toekomst. We lappen en prutsen, stoppen het ene gat met het andere; het is een politiek van “God zegen dé greep’’, de grote lijn is ook hier weer zoek, en zo sukkelen we maar voort, tot dat we vastlopen of tot dat er andere schippers zullen opdagen, die ons schip van staat door de moeilijkheden heen zullen loodsen, nadat zij eerst de grote lijn, een vast bestek zullen hebben uitgezet. Moge het spoedig zijn!

Voetbaldiagnose
Techniek is een verrichting van het lichaam, tactiek begeeft zich op verstandelijk terrein. Beiden zijn onmisbaar in een goed elftal. Ofschoon de overgang tussen tactiek en techniek moeilijk te bepalen is, moeten we beiden als afzonderlijke begrippen classificeren. Een kort peuterig spel, zoals ook Breskens wel eens laat zien, is geen tactiek maar een uitvloeisel van “technisch demonstreren dat men boven de tegenstander staat”. We moeten echter bekennen, dat er aan onze techniek nog wel eens iets te verbeteren is, de praktijk liet ons in ieder geval zien, dat wij door dat tik-tak-spel de kracht van ons elftal benadeelden. Vooral de laatste jaren is door clubleiders oefenmeesters etc. zoveel aan systeemspelen gedaan dat er nu bijna van een stopperspilcomplex wordt gesproken.
Het stopperspilsysteem zoals de Engelsen het met hun specifiek starre volksaard spelen, past niet voor iedere club, zeker niet voor de Zeeuws-Vlaamse. Aan een star systeem volhouden, is evenzeer fout, als een systeemloos spel. In plaats van zich te wagen aan een futloos en doelloos baltrappen, op de nu toch te warme voetbalvelden, moeten voetballers zich voornemen iedere week iets over systemen te leren.

Max

WV

Geplaatst in De Schakel | Reacties staat uit voor De Schakel, 455

Ondernemende Bressiaanders: 455

Mitchel Versprille

Rijschool Mitchel Versprille NXXT

Ze zijn er nog steeds, jonge Bressiaanders die het aandurven een eigen zaak te beginnen. Mitchel Versprille nam de stap al in oktober 2013. Hiervoor gaf hij zijn carrière in een supermarkt in Sluis op. “Ik had het wel gezien”, vertelde hij destijds. Nu word je niet zomaar rijinstructeur, je moet er wel de nodige opleiding, theorie en praktijk voor volgen.

Naast zijn werk ging Mitchel twee dagen per week naar een verkeersacademie in Best om de nodige lessen te volgen. Er werd examen gedaan en ook nog een keer stage ge(lopen)reden bij een ervaren rijschoolhouder in de streek. “Dat moest bij rijschoolhouders die al vijf jaar instructeur zijn en ook nog een keer in het bezit van een instructierijbewijs.”
Mitchel is franchiser van NXXT, een organisatie die hem met raad en daad ter zijde staat. “In het begin zochten ze leerlingen voor me”, aldus Mitchel. “Dat hield in dat ik ook leerlingen in Goes had. Gelukkig is dat nu, na bijna vier jaar, niet meer nodig, want er ging toch veel rijtijd inzitten. Ik had toen een contract voor vijf jaar. Dit is nu verlengd voor nog eens acht jaar. Ik werk nu zelfstandig, mag mijn eigen naam gebruiken en heb toch, indien nodig, nog steeds helpers achter de hand.”
De laatste maanden heeft Mitchel meer dan 85.000 kilometer gereden, een teken dat het goed gaat. “Het is heel prettig werk en ik doe het met veel plezier. Iedere dag is anders. Dat komt vooral door de vele verschillende leerlingen. De ene leert makkelijk, de andere weer iets moeilijker. Sommigen willen echt presteren en doen hun uiterste best en weer anderen doen juist niets. Uiteindelijk halen ze allemaal hun rijbewijs en liefst bij de eerste keer. Geduld heb ik. Ik blijf altijd rustig, al kan ik van binnen wel eens brommen. Je moet je leerlingen op hun gemak stellen. We lessen in de streek en gaan meestal na een paar lessen al naar Terneuzen, want daar moeten ze straks toch hun praktijkexamen afleggen. Velen willen ook een keer op de snelweg rijden. Dan gaan we verder tot Middelburg, Goes en een enkele keer naar Bergen op Zoom. Maar dit alleen op verzoek van de leerling. Dan mogen ze dus 130 kilometer per uur rijden, een goede ervaring.”
Lekker over de snelweg mag pas als de toekomstige chauffeur minimaal dertig lessen gevolgd heeft. “De meesten hebben ruim veertig lessen nodig”, aldus Mitchel. “Ik heb liever dat ze een keer meer lessen en slagen, dan met minder lessen stralen. Extra lessen moeten ze zien als een soort investering. Die zijn altijd nog goedkoper dan een herexamen.”
Veel van de leerlingen van Mitchel volgen nog een opleiding. “Die haal ik bij school op. Zijn het leerlingen van deze kant, dan lever ik ze thuis af, maar dat lukt niet altijd. Anderen lessen als ze tussenuren hebben. Een rijbewijs halen mag nu al met zeventien jaar, dus ze kunnen al met zestieneneenhalf beginnen lessen. Vroeg? Nee, eigenlijk niet. Ze moeten wel serieus zijn en het goed oppakken.”
Willen de leerlingen examen doen, mits ze er klaar voor zijn, dan moeten ze wel geslaagd zijn voor hun theorie-examen. “Dat papiertje blijft anderhalf jaar geldig”, weet Mitchel, “dus dat moet lukken.”
Nu zijn de meeste leerlingen van Mitchel jong, maar het kan ook anders. “Ik ken iemand die achttien jaar geleden opgeweest is, gezakt en gelijk helemaal gestopt. Die wil het nu nog een keer proberen. Dat kan natuurlijk, evenals opfrislessen. Dat doen mensen veel te weinig. Er is zoveel veranderd in het verkeer, dat een of twee lessen om ervaring op te doen met de vernieuwde verkeersregels voor iedere chauffeur wel goed zou zijn. Iemand die al dertig, veertig jaar of langer, in het bezit van een rijbewijs is, heeft ook een eigen manier van rijden. Soms kan daar best iets aan veranderd moeten worden. Sommigen durven het aan, anderen doen het uit een soort gene niet.”
Gelukkig heeft Mitchel thuis iemand die zijn administratie doet. “Mijn echtgenote Stefanie staat helemaal achter mijn werk en neemt mij al sinds het begin het papierwerk uit handen. Een goed gevoel.”

WV

Geplaatst in Ondernemende Bressiaanders | Reacties staat uit voor Ondernemende Bressiaanders: 455

Keukengeheimen (13): 455

IMG_8753

lange vingertaart

Benodigd:
4 pakken lange vingers (à 175 gram per stuk)
1 fles advocaat
1 kuip Gouda’s Glorie tafelmargarine
5 eetlepels basterdsuiker (witte)
Melk
Hagelslag (puur)
Schaal van ongeveer 15 bij 25 centimeter, die bedekken met aluminiumfolie

De margarine mengen met de suiker en ongeveer driekwart van de advocaat (crème).
In een diep bord melk doen en een flinke scheut advocaat erdoor roeren.
De lange vingers even door de melk halen en naast elkaar op het schaaltje leggen.
Vervolgens een laag advocaat-crème erop doen.
Dan weer een laag lange vingers er dwars op leggen.
En weer een laag crème.
Dit opbouwen tot de lange vingers op zijn (totaal vijf lagen).
Met de rest van de crème de hele taart insmeren; ook de zijkanten en bestrooien met hagelslag.

Een dag vóór je feestje maken en in de koelkast zetten.
In de lengte doorsnijden, dan kun je er mooi plakken van snijden.

Laat het smaken.

Lidwien Groosman-van Rattingen

Geplaatst in Keukengeheimen | Reacties staat uit voor Keukengeheimen (13): 455

Beste Sakke, 455

 

Noe Op Bresj’s verre klaor is, ‘èn ’k mens’n ‘oar’n zegh’n da’ Sakke en Arjaon wè’ kji’ meuh’n zegh’n wien an udd’r noe zien. Hie ao ’t t’r de voar’ghe kji’ oek oav’r. Da’ die mens’n da’ udd’r eigh’n afvraogh’n, dao’ staon ‘k van te kiek’n. ‘k Weet nie’ of t’r bie de redaksie a oplossieng’n binn’n zien, mao’ an de leez’rs da’ nog moet’n doen, dan zou ‘k an’k udd’r was hewoan Sakke en Arjaon invull’n, wan’ wudd’r zien toch Sakke en Arjaon? Ann’k deu’ Bresj’s lwoap’n en dao’ roep t’r jin ‘Aohn Arjaon’, dan reaheer ‘k daorop omdan’k m’n naome ‘oar’nde zegh’n. An ze ‘Aohn Coa’ hezeid zouw’n èn, dan zou ‘k nie’ reaheer’n of in ied’r heval and’rs. ’t Zou best kunn’n an’k wè’ zou reaheer’n, mao’ dan om te kiek’n wien a t’r wie hoej’ndag zegt en da’ d’is toch and’rs eeh?

Nji Sakke, ‘k snap eih’nl’k niks van dien oproep van de redaksie wien a Sakke en Arjaon noe zien. Wa’ v’rbeel’n zudd’r eih’nl’k wè’? A je die redaksieleej’n bie ons v’rh’liekt zient in feite nog mao’ ’n paor snotneuz’n die of net komm’n kiek’n of dienke hie daor and’rs oav’r?

Nji, van mien ‘oef al die flauwekul nie’ van al die priesvraogh’n. Moe je ’n kji’ oplett’n: strek stao’ t’r oek nog heschreev’n dan wudd’r bie die verkwoap van da’ foatoaboek ‘andtekenieng’n uut haon djill’n, mao’ da’ moet’n z’ echt nie’ van me dienk’n dan’k zwoaiets haon doen. ‘k Zan daor ’n bitje voa’ zot haon zitt’n en wa’ int’r’ssant mie ’n penne wa’ krull’n haon zett’n zeek’r. De leste kji’ an’k da’ hedaon èn is a jil wa’ jaor’n heleej’n, wan’ da’ was op m’n trouwdag in ’t hemjint’uus, toen an’k m’n contract mie Saore heteek’nd èn en dao’ zit ‘k noe nog alkmao’ an vast.

Mie haon ze dao’ dus die zondag bie de boek’nv’rkwoap nie’ zien. Wa’ d’of hie hao’ doen, moe’ je zell’f mao’ weet’n. A je d’r wè’ nao’toe haot, dan wens ‘k jin ied’r heval vee’ succes.

De nèst’gheid eeh,

Arjaon

Geplaatst in Sakke en Arjoan | Reacties staat uit voor Beste Sakke, 455